Steinhauer

80 JAAR STEINHAUER VERLICHTING

De geboorte van een zoon was voor Steinhauer senior destijds de aanleiding om een eigen lampenmakerij te starten. Toen zijn vrouw zwanger was, zei hij: als het een jongetje wordt, begin ik voor mijzelf. Op 21 oktober 1933 zag Steinhauer junior het levenslicht en diezelfde dag begon de jonge vader een lampenmakerij in een kelder aan de Kinkerstraat in Amsterdam. 

Na de oorlog verhuist het gezin naar Apeldoorn waar vader en zoon de zaak verder uitbouwen in de oude melkfabriek aan de Venkelstraat. In de jaren 50 en 60 komt de kunststofindustrie tot bloei en concentreert Steinhauer zich op de productie van kunststof lampen. Hier leert ook kleinzoon Mark Steinhauer het vak. “Elke vakantie en ieder vrij uurtje werkte ik in het magazijn of in de fabricage waar de  kunststof bollen geblazen werden.”

Inmiddels is Mark al meer dan 20 jaar directeur en eigenaar van Steinhauer Verlichting  en heeft het bedrijf een flinke ontwikkeling doorgemaakt. “Tussen 1998 en 2002 is Steinhauer heel hard gegroeid.  Steinhauer richtte zich meer op de productie van duurdere verlichting en de collectie werd breder. “Steinhauer ontwerpt en ontwikkeld haar verlichting in eigen beheer. Daarna kon Steinhauer kiezen voor een hoogwaardige productie met componenten uit Europa en assemblage in Nederland of voor productie door de vaste partner van Steinhauer in China, met uiteraard een lager prijsniveau.”

Een van de innovaties die Steinhauer heeft gedaan is LED verlichting. "Met LED staan we als totale markt in de beginfase. Het zal nog wel even duren voordat dit goed ontwikkeld de markt in gaat." Er bestaan veel vooroordelen rondom LED, mensen associëren dit met fel blauw licht terwijl het in vele lichtkleuren verkrijgbaar is. In Nederland hechten we veel waarde aan gezelligheid, dus zacht licht. Led is bovendien goed te dimmen zodat het ook een prima sfeerverlichting kan zijn.”

Op de vraag wat Mark als directeur en eigenaar van Steinhauer drijft, is het enthousiaste antwoord: lampen maken. Met trots laat hij het collectieboek zien. “Hier knok ik voor, een goede opbouw van de collectie. Dat doe ik niet alleen, maar samen met een enthousiast team met jonge medewerkers. Ik hou niet van een sterke hiërarchie. We moeten het met z’n allen doen en dat betekent dat iedereen de ruimte krijgt zich te ontwikkelen.”